Hans van Koolwijk (1952) is gefascineerd door klank. Hij doorliep zowel de Koninklijke Academie als de RijksAkademie van Beeldende Kunsten en installeerde zich vanaf 1987 in de ruimte tussen beeldende kunst en muziek. Zo gaf hij concerten in musea en hield hij exposities in concertzalen.
Hans van Koolwijk geeft soloperformances met zijn instrumentarium door heel Europa, van Londen tot Ljubliana en van Litouwen tot Lissabon. Hij heeft in verschillende bezettingen gewerkt, ondermeer voor het Zentrum für Zeitgenossische Musik te Dresden in een opera van Agnes Ponizil. Met Merlijn Twaalfhoven in ongewone en grootschalige projecten die een breed publiek opnemen in een totaalbeleving voor alle zintuigen. En met Alan Laurillard in Luchtkastelen, waarin de grenzen van het orgel zijn opgerekt.
Het centrale werk, de BAMBUSO SONORO, is ontstaan vanuit de behoefte om een solo performer meerdere fluiten tegelijk te laten bespelen. De Bambuso is een ongepolijst muziekinstrument, waarbij het visuele innig verbonden is met het auditieve. De klank is als het ware te zien. Men wil lijfelijk aanwezig zijn, zich liefst tussen de fluiten begeven, de performer zien zweten, de moeite-van-het-geluid ervaren.
In de loop der jaren zijn er meer muziekinstrumenten gebouwd. Zoals in 2003 de BassBoxen, die hele delicate schone klanken produceren. En de nieuwe Glissandomachines in 2006. Daarmee heeft Van Koolwijk een paar prachtige performances gegeven, zoals bijvoorbeeld in de Westerkerk te Amsterdam en in de Turlej Gallery in Krakow. De pregnante verschiltonen doen een aanval op de oren van bezoekers, zonder echt gevaarlijk te zijn.
Samen met Hans van ECK heeft Hans van KOOlwijk in 2004 de ECKOO gebouwd. Het is een groot en snel akoestisch muziekinstrument dat elektronisch wordt bestuurd en heel breed kan worden ingezet in tentoonstellingen en performances.
Klank is materie. Dit statement is uitgewerkt in vele klanksculpturen, zoals in de OerOorSprong, gebouwd in 1999. In die meer dan twaalf meter hoge fluit kan men staan en daarin zijn de trillingen door het hele lichaam te voelen. Sinds juni 2007 bestaat er een gigantische stalen versie van de OorSprong die, liggend in het Klankenbos te Neerpelt, permanent toegankelijk is voor publiek.
Van Koolwijk heeft gewerkt aan een nieuwe generatie akoestische klanksculpturen, bestuurd door computer en in de zomer van 2002 getoond in Oerklank, de overzichtstentoonstelling in het Nationaal Museum van Speelklok tot Pierement te Utrecht. De bezoeker kon zich daar baden in een oerwoud van klanken. Elk jaar ontstaan nieuwe klanksculpturen, waarvan sommige blijven en andere alleen gemaakt zijn om op die ene specifieke locatie te tonen. Want t o n e n, dat is waar het om gaat...
In het prototype van De Klankkaatser wordt de klank van kleine fluitjes via en schaal gekaatst naar een punt in de ruimte. De luisteraar kan dat punt vinden door met zijn hoofd te bewegen, waardoor het lijkt alsof die klanken IN het hoofd worden opgewekt.
Momenteel legt Van Koolwijk de laatste hand aan een gebouwtje van negen meter hoog: De Klankkaatser. Stichting De Klankkaatser heeft subsidies ontvangen voor de bouw van dit enorme project. In de Klankkaatser, waarin het draait om klank en licht, wordt een nieuwe manier van luisteren gecombineerd met een ontregelende kijkwijze, hetgeen een betoverende ervaring zal genereren.
Sedert meer dan tien jaar werken Hans van Koolwijk en Hans van Eck samen aan een aantal projecten. Zij hebben in 1999 de cd BAMBUSO SONORO gemaakt, die gedeeltelijk in Tsjechië is opgenomen. Door deze cd is de reikwijdte van het werk van Van Koolwijk enorm toegenomen. Zij gaan regelmatig op tournee, zijn voor de International Society of Contemporary Music ondermeer naar Boekarest en Kaunas gereisd, en naar Krakow, waar zij met zeer uiteenlopende musici hebben geïmproviseerd.
In samenwerking met Arie van Schutterhoef, Schreck - Laboratorium voor Live Elektro Akoestische Muziek, hebben zij de BassBoxen ontwikkeld. In hun langlopende onderzoek naar alternatieve vormen van klankopwekking hebben zij een succesvolle combinatie van grove elektronica en extreem gevoelige fluiten gevonden, hetgeen fijnzinnige, delicate klanken oplevert.
In samenwerking met FlexiMac zijn de Knik-tiks ontstaan, waarin de wind uit ons waailand een lyrisch klankenspel voortbrengt door klankbuizen, vrij swingende delen van grote masten, aan te slaan met schijven die aan elastieken langs de masten zijn bevestigd.
Het is nooit de bedoeling geweest om de muziekinstrumenten of klanksculpturen te verkopen. In tegendeel, een aantal van de klanksculpturen is eigenlijk net zo vergankelijk als de klank zelf, wat bij het maken veel vrijheid geeft en de betrokkenheid van het publiek vergroot. Ze werken op het scherp van de snede, wat de spanning oproept: Doetie het wel of doetie het niet?? Het zijn autonome kunstwerken die continu klinken of worden geactiveerd door het publiek. De muziekinstrumenten en klanksculpturen verwijzen naar elkaar en versterken elkaar.
Van Koolwijk is in het verleden gesteund door de Mondriaan Stichting, het Fonds voor Beeldende Kunsten, Vormgeving en Bouwkunst, Stichting Gaudeamus, STEIM, Stichting De IJsbreker/Stichting Muziekgebouw aan 't IJ, het ThuisKopie Fonds, het Amsterdams Fonds voor de Kunst, het Fonds voor de Scheppende Toonkunst, het VSB Fonds en door tal van andere subsidiegevers in binnen- en buitenland.

